Zwarte Zuid-Afrikanen

Vanaf ongeveer 300 n.C. zijn de Khoisan niet langer de enige bewoners van Zuid-Afrika. Andere volken afkomstig uit Centraal-Afrika trokken het land in op zoek naar een plek om te wonen. Deze groepen kregen vaak dezelfde naam als de taal die zij spraken. In een groot deel van Afrika zijn volkeren te vinden die talen spreken die tot de Bantoe-taalfamilie behoren.


De Bantoe vormen in Zuid-Afrika tegenwoordig de groep van de zwarte Zuid-Afrikanen en zij zijn in het land ruimschoots in de meerderheid met bijna 80% van de totale bevolking, wat neerkomt op ongeveer 40 miljoen mensen. Op dit moment leeft een groot gedeelte hiervan in de steden, waar meer werk is te vinden dan op het land, maar oorspronkelijk waren de Bantoe landbouwers en veehouders.


In de loop van de tijd hebben de verschillende stammen hun eigen cultuur en talen ontwikkeld waardoor nieuwe groepen zijn ontstaan. Ruwweg zijn er twee hoofdgroepen te onderscheiden, de Nguni en de Sotho.


De Nguni-sprekers
De grootste groep binnen de Nguni-sprekers zijn de Zoeloes die onder andere te vinden zijn in Noord-KwaZulu-Natal. In de 19de eeuw werden de Zoeloes verenigd in het Zoeloerijk van koning Shaka. Hij maakte van Zoeloeland de machtigste natie van Afrika en tot op de dag van vandaag zijn de Zoeloes de grootste groep van Zuid-Afrika. De Zoeloes hebben tegenwoordig nog veel invloed en hun taal, Zoeloe, is de grootste moedertaal van het land. Zoeloe betekent ‘hemel’ of ‘lucht’.


Een andere belangrijke groep is de Xhosa. Zij leefden oorspronkelijk aan de Oost-Kaapse kuststrook waar zij in aanraking kwamen met de Khoikhoi. Door dit contact hebben zij de zuigklanken, of kliks, overgenomen in hun taal waardoor isiXhosa ontstaan is. Een belangrijk onderdeel van de Xhosa-cultuur zijn de initiatierituelen. Hierbij leren de jongens en meisjes hoe ze volwassen mannen en vrouwen moeten worden. Jongens verven hun gezicht dan wit om te laten zien dat ze van andere mensen verwijderd zijn. Wanneer deze periode van afzondering voorbij is verbranden ze de hut en nemen zo afscheid van hun kindertijd.


Een derde belangrijke groep Nguni-sprekers zijn de Swazi’s. Zij stammen af van een zoon van Zoeloe-koning Shaka. Deze zoon werd door zijn vader op missie gestuurd om de vijand te doden maar slaagde hier niet in. Uit angst voor zijn boze vader besloot hij niet terug te keren maar vestigde hij zich in Swaziland. Tegenwoordig wonen de meeste Swazi’s hier nog steeds, maar zo’n 30% van het volk woont in Zuid-Afrika.


De laatste van de Nguni-sprekers zijn de Ndebeles. Deze groep trok ongeveer 400 jaar geleden vanuit KwaZulu-Natal het binnenland in uit angst voor koning Shaka. Tegenwoordig is deze van origine Nguni-groep grotendeels vermengd met de Sotho’s.


De Sotho’s
Terwijl de Nguni zich voor het grootste deel aan de zuidoostkust van het land vestigden waren er ook grote groepen Bantoesprekende mensen die het binnenland introkken. Bij deze mensen uit het binnenland kunnen weer drie groepen onderscheiden worden: De Sotho’s, de Vendas en de Tsonga’s.


De naam Sotho komt van het woord BaSotho wat ‘mensen van de donkerbruine rivier’ betekent. Deze donkerbruine rivier is de Caledon rivier, die aan het Maluti gebergte in het koninkrijk Lesotho grenst. Sinds 1966 hebben de Sotho hun eigen onafhankelijke koninkrijk Lesotho dat omringd wordt door Zuid-Afrika.  De Sotho’s kunnen onderverdeeld worden in drie groepen: de Sepedi (Noord-Sotho), de Sesotho (Zuid-Sotho) en de Setswana. De Sotho’s wonen traditioneel in kleine ronde hutten en staan bekend om hun metaalbewerking. 


De Venda’s leven in het noorden van de Limpopo Provincie. Ze zijn van oorsprong grondbewerkers en geen veehouders. Net als de Sotho’s zijn ze bedreven in de metaalbewerking en daarnaast zijn de vrouwen ook uitstekende pottenbakkers. Een subgroep van dit volk zijn de Lemba’s. Historici denken dat de Venda’s zich vroeger vermengd hebben met Arabische handelaren, wat hun opvallende Semitische uiterlijk zou verklaren.


De laatste groep zijn de Shangaan-Tsonga’s. Vijf eeuwen geleden leefden de Tsonga’s nog in Mozambique waar zij rijk werden door handel te drijven met de Portugezen. Zij ruilden onder andere koper en ivoor voor linnenstof. In 1820 werden zij door de stam SoShangane verslagen en vluchtten zij naar Zuid-Afrika. Hier namen zij de naam van hun militair leider over: Shangaan.


Verder kijken:
Vind je het leuk om meer te leren over Afrikaanse volken en culturen? Het museum Volkenkunde in Leiden heeft verschillende tentoonstellingen over mensen van over de hele wereld. Neem vooral eens een kijkje in de Afrika-afdeling!

Bronnen en verder lezen


  • Op de website van de Zuid-Afrikaanse regering valt ook van alles te lezen over de mensen van Zuid-Afrika.

  • Faber, Paul (2002) Familieverhalen uit Zuid-Afrika. Amsterdam: KIT Publishers

  • Lans, Han en Makwarela, Tendani editor (2002) Ik woon in Zuid-Afrika; voorw. Nelson Mandela. Amsterdam KIT publishers.

Meer over dit onderwerp

Jacob Zuma de president van Zuid-Afrika behoort tot de grootste zwarte bevolkingsgroep van Zuid-Afrika, de Zoeloes.Jacob Zuma de president van Zuid-Afrika behoort tot de grootste zwarte bevolkingsgroep van Zuid-Afrika, de Zoeloes.
BaSotho vrouwenBaSotho vrouwen
X
Loading