Architectuur

De Zuid-Afrikaanse architectuur is vanaf het prille begin beïnvloed door het klimaat, de beschikbare bouwmaterialen en de sociale structuur. In verband met de warme zomers worden er lichte koele huizen gebouwd die in de zomer voor verkoeling zorgen maar die, door gebrek aan centrale verwarming, in de winter vaak nogal koud zijn.

Tijdens het koloniale tijdperk waren er twee soorten huizen in Zuid-Afrika. De huizen van de nieuwkomers en de huizen van de oorspronkelijke bevolking. Verschillende kunststromen hebben invloed gehad op de bouwstijlen in Zuid-Afrika, zoals de rococo en het neoclassicisme, maar ook de Romaanse en de Gotische stijlen zie je terug.

Ten tijde van de Nederlandse Kaapkolonie in de tweede helft van de zeventiende eeuw ontstond de Kaaps-Hollandse stijl. Deze bouwstijl wordt gekenmerkt door de witgepleisterde muren, een symmetrische opzet en vooral door de centrale, rijkversierde gevel. De stijl kent neoclassicistische, barokke en of rococo invloeden en is op deze manier alleen te vinden in Zuid-Afrika. In de Kaapprovincie tref je veel oude wijnboerderijen aan die in deze stijl gebouwd zijn.

Toen de Britten de Kaap overnamen, was George III aan het bewind. De Engelse bouwstijl die in deze tijd werd overgenomen wordt hierdoor Georgiaans genoemd. De Georgiaanse stijl mengde zich weer verder met de Kaaps-Hollandse stijl waaruit de Kaap-Georgiaanse stijl ontstond. In de jaren’20 en ’30 van de negentiende eeuw werd art deco erg populair. Deze nieuwe stroming werd toegepast in veel monumenten zoals het Voortrekkermonument in Tshwane (Pretoria). Art deco is ontstaan in Parijs en wordt gekenmerkt door scherpe hoeken, blokvormige patronen, mozaïekvloeren van emaille tegels en versieringen van chroom en brons.

De architectuur van de inheemse bevolking lijkt een aparte architectuur. Bij de Khoisan was het een gebruik dat de vrouwen de hutten bouwden. Deze hutten werden gemaakt van bladeren en takken en geplaatst volgens bepaalde rituelen. De oorspronkelijk herders en nomaden bouwden hun hutten licht, draagbaar en eenvoudig. Hierdoor zijn ze makkelijk op te bouwen of af te breken.

De oorspronkelijke Bantoehuizen hebben iets weg van bijenkorven. In het begin werden deze hutten van takken en gras gemaakt, later van leem en steen. Deze hutten noem je 'rondawels'. Tegenwoordig gebeurt het steeds vaker dat de huizen in rechthoekige vormen gebouwd worden naar voorbeeld van de Europese architectuur.
De hedendaagse architectuur kan je vergelijken met de westerse architectuur maar wanneer je op het platteland kijkt is het nog goed mogelijk dat je de traditionele hutten tegenkomt.

Zuid-Afrika heeft te kampen met zeer ernstige woningnood. Veel mensen die naar de stad emigreren bouwen hun eigen huizen in de townships. Deze huisjes worden gemaakt van elk materiaal dat er maar voor handen is en worden ‘informele nederzettingen’ genoemd. Aan de buitenwijken van vrijwel elke stad in Zuid-Afrika is wel een dergelijk ‘plakkersdorpie’ te vinden. In deze townships zijn de sanitaire voorzieningen vaak slecht en het risico op brand is groot.

Een Kaaps huis. Bron: Zuid-AfrikahuisEen Kaaps huis. Bron: Zuid-Afrikahuis
X
Loading